mezelf

het water is veel te diep

Mijn grootste angst? WATER!!!

Voor zover ik mij kan herinneren heb ik altijd watervrees gehad. Ik ben als de dood om te verdrinken. Het idee dat mijn longen zich met water zouden vullen is erg beklemmend voor mij.

Een verfrissende duik, waterspelletjes, trekken en duwen in het water zijn niet aan mij besteed. Dan kan ik tot huilens toe in paniek geraken en wil ik kost wat kost weg uit die situatie.

In de lagere school gingen we zwemmen in het Leuvense zwembad. De chloorgeur, de imponerende hoge betegelde wanden en de gedempte geluiden in de grote inkomhal zitten nog steeds scherp in mijn herinnering. Ik wilde flink zijn maar vanbinnen was ik een heel bang vogeltje. In dat grote zwembad verdween ik dan ook steevast achter één van de grote pilaren tot het einde van de zwemles. Blijkbaar heeft niemand mij ooit gemist. Waar die punten voor L.O. op mijn rapport vandaan kwamen weet ik ook niet…..

Later, in de middelbare school, had ik als meisje natuurlijk een geldig excuus. Ik was de enige die bijna elke week haar regels had. Een oplettende lerares lichamelijke opvoeding zou toch opgemerkt moeten hebben dat ik zowat leeggebloed moest zijn zou je denken? Niet dus…

En toch heb ik uiteindelijk leren zwemmen, rustig op mijn eigen tempo. Zij het met een beperking: mijn hoofd steeds boven water.

‘Permanentslag’ noem ik het, naar de oudere dames die met het hoofd boven water zwemmen om hun gepermanent haar niet nat te laten worden.

mijn diepste ik

Ik heb een overwegend vrolijke persoonlijkheid en toch…. toch is er een andere Els die regelmatig de bovenhand neemt, de droeve introverte ziel.

Bijna niemand kent deze versie van mij. Ik hou hem angstvallig verborgen voor de buitenwereld. De oorzaak daarvan ligt in mijn opvoeding. Van mijn moeder heb ik geleerd om altijd positief te blijven en zo weinig mogelijk te klagen want “niemand hoeft te zien dat je het wat moeilijker hebt” en “je hebt het nog zo slecht niet, er zijn anderen die het veel slechter hebben”. Bijgevolg laat ik de donkere versie van mezelf onbewust  overschaduwen door mijn vrolijke kant.

De combinatie van beide versies in één lichaam voelt bij tijden vreemd. Soms weet ik het even niet meer en word ik, zonder aanwijsbare oorzaak, tussen beide uitersten heen en weer geslingerd. Ik wring me in duizend bochten om positief over te komen terwijl ik vanbinnen huil.

Uiteindelijk komt het altijd goed en ga ik weer de positieve kant op maar stel dat er een tijd komt dat ik aan de donkere zijde blijf hangen, dat ik er niet meer uitgeraak? Daar denk ik wel eens aan. Hoe diep kan ik gaan? Zou ik hulp vragen? Zou ik hulp aanvaarden? En gaat er überhaupt iemand voorbij mijn camouflagegedrag kijken en merken dat ik het moeilijk heb?

Let wel, dit is een zuiver hypothetische vraag die ik mezelf stel, ik voel me momenteel oké.

Ik ben me ervan bewust dat ik me geen zorgen hoef te maken over dingen die “zouden kunnen gebeuren”. Dat vreet alleen maar energie.

Maar toch spoken deze gedachten wel eens door mijn hoofd. Waarschijnlijk omdat ik het gevoel heb dat de schommelingen groter geworden zijn. Meer bepaald dat de dalletjes dieper geworden zijn.

Zal wel hormonaal zijn zeker? Vrouw… 54j……je weet wel…

‘t-is-zo-goe-as-da’k-et-gat-em

Natuurlijk ben ik blij dat ik na 54 jaar nog fris en dartel op deze aardkluit mag rondlopen. Dat daar een flinke portie geluk voor nodig was besef ik ten volle. En dat niet iedereen dat geluk gegund is besef ik ook.

Mezelf dat realiserende geniet ik elke dag van het leven. Waarom zou ik slechts 1 dag per jaar het leven vieren?

Laat dus die felicitaties, cadeautjes en obligatoir geknuffel gerust achterwege. Ik geef er niet om.

‘t-Is-zo-goe-as-da’k-et-gat-em!

YES, I did it!!!

img_8652
Badlaken en boek stevig onder de arm geklemd baande ik mij een weg tussen de tepeltjesgewijs geordende lichamen., lichamen zoals God ze geschapen had.

Buiten een eenvoudig bord dat midden op het strand neergeplant stond was er niets dat erop wees dat hier een bijzonder soort badgasten hun favoriete hobby aan het beoefenen was.

Het lavazand brandde onder mijn voeten toen ik op mijn tippen in snelle  pas over het strand liep. In mijn gebloemde jurk voelde ik me bekeken…. dus eigende ik me snel het eerste vrije plekje op het zwarte strand toe. Aan de kant weliswaar want zo zelfzeker voelde ik me niet.

Met een breed uitzwaaiend armgebaar ontvouwde ik mijn kleurig badlaken, maakte de knoop van mijn wikkeljurk los en liet hem van mijn naakte lichaam glijden om mij vervolgens in een recordtempo op het badlaken neer te ploffen. Snel mijn benen voor mijn bovenlichaam opgetrokken en een boek ter hand genomen als extra afscherming tegen gluurders. Dit gaf me de gelegenheid om mijn omgeving te observeren.

Werkelijk alle variaties van het menselijk ras waren vertegenwoordigd: van jong tot oud, man en vrouw, blank en minder blank, kaalgeschoren, netjes getrimd maar ook hele eksternesten (dames, over je bikinilijn hoef je jezelf dus geen zorgen te maken want die is er simpelweg niet), groot en klein, mager en zwaarlijvig en alle onderling denkbare combinaties.

Al gauw kon ik de naakte zonneaanbidders indelen in categorieën. Je had de overtuigde naturisten, volledig gebruind en zonder enige gène hun lichaam tentoonstellend. Velen onder hen met armen en benen wijd gespreid om optimaal van de zon te kunnen genieten. Niet altijd even aangenaam om te bekijken, dacht ik bij mezelf. Anderzijds had je de occasionele wit-bruin gevlekte naturist. En voor mezelf creëerde ik een derde categorie: de witte zonneklopper die helemaal niet houdt van braden in de zon maar zich openstelt voor een nieuwe ervaring.

Wat me aangenaam verraste was dat er niemand maar dan ook niemand naar mij gluurde. Geen man die stiekem over zijn krant keek, niemand die zijn zonnebril op zijn neus had laten zakken om vanuit een ooghoek naar mij te staren…dat bleken gelukkig fabeltjes.

De spanning vloeide langzaam weg uit mijn lichaam. Ik duwde mijn voeten voorwaarts in het warme zwarte lavazand, legde mijn boek terzijde en liet mezelf in een comfortabele rugligging zakken. Een frisse oceaanbries (blies door mijn haren dacht ik te schrijven maar voor lezers met veel verbeelding laat ik dat achterwege) koelde mijn opgewarmde lichaam….heerlijk! Het voelde een beetje als naakt zwemmen, ook zo’n fijn gevoel. Mijn ogen werden zwaar en ik doezelde even weg.

Toen ik mijn ogen opende lag er naast me een man die ik nog niet opgemerkt had. Ik voelde zijn ogen, hij zocht oogcontact. Ik keek hem vragend aan waarop hij reageerde:

“Zaten wij niet op hetzelfde vliegtuig?”

“Belgische?”

Ik knikte bevestigend.

“Jij bent Nederlander zeker?”

Hij knikte eveneens.

“Dat dacht ik al…”

Vervolgens draaide ik mijn hoofd in de andere richting en dacht: zwijg toch man, dit is het verkeerde moment, echt het verkeerde moment….

Vadertje Tijd en Moeder Natuur

Ik zou het al te graag willen: leven op het ritme van de natuur. Eten wanneer ik honger heb, opstaan zonder wekker… leven volgens wat mijn zintuigen en mijn intuïtie me vertellen. Maar helaas, het is mij, samen met zoveel anderen, niet gegund.

Op welk punt in de evolutie zijn we de connectie met het ritme van de natuur kwijtgespeeld? Gebeurde dat toen we het ‘aanvoelen van de tijd’ ruilden tegen meetbare tijd? De klok is natuurlijk een geweldige uitvinding. Zonder precieze tijdsmeting zou onze samenleving niet functioneren. Hier is Vadertje Tijd koning.

Maar het brengt ook zoveel nadelen met zich mee. De klok bepaalt ons leven. Strakke planningen, afspraken, werk- en rusttijden overheersen ons natuurlijk ritme. En dat natuurlijk ritme is individueel zeer verschillend. Ik ben bijvoorbeeld een ochtendmens. In de ochtend ben ik het fitst, kan ik het best nadenken en ben ik bijgevolg het meest productief. Ik word liefst wakker met het eerste licht dat de slaapkamer binnendringt. Wanneer anderen pas wakker worden is mijn kaars uit (het 21u moment, gekend bij de vrienden😁) en kruip ik liefst snel onder de wol. Mijn natuurlijk ritme wordt dikwijls verstoord door de klok. Korte periode kan ik dit wel volhouden maar als ik mijn natuurlijk ritme gedurende lange tijd negeer geraak ik uit balans. Slaapproblemen, stress, slecht humeur en me minder goed in mijn vel voelen zijn de gevolgen.

Een dagje thuisblijven en naar je lichaam luisteren is toch de oplossing zou je kunnen denken. Maar zo werkt het niet. Ik heb minstens 2 dagen nodig om uit het mij opgelegde leefpatroon te stappen en af te kicken van de ratrace van onze maatschappij. En ik merk dat dit er met ouder te worden niet op verbetert, dat de recuperatietijd steeds langer wordt.

Ik verwacht dat er binnenkort een moment gaat komen dat het niet meer leefbaar blijft voor mij en dat ik mijn leven een nieuwe wending zal moeten geven. Hoe, wat en waar weet ik nog niet maar het speelt de laatste tijd steeds meer in mijn achterhoofd.

après nous les mouches

Er is slechts één zekerheid in het leven: dood gaan we allemaal. Maar wat daarna? Wat wil ik dat er dan met mijn lichaam gebeurt? Wil ik gecremeerd of begraven worden?

Ik ben van het principe dood is dood. Het feit dat mijn ziel blijft bestaan of niet wil ik in het midden laten maar na de dood is mijn lichaam totaal overbodig. Dus weg ermee, dacht ik tot hiertoe. Crematie leek me een logisch besluit. Tot ik deze video te zien kreeg:

What happens when we die? Neil Degrasse Tyson

Zo had ik het nog niet bekeken. Het verbaasde me dat ik, als natuurmens, daar niet aan gedacht had. Neil Degrasse Tyson heeft verdorie gelijk: als ik me zou laten cremeren wordt mijn energie in de vorm van warmte totaal nutteloos de lucht ingestuurd.

Recyclage is hip en bovenal noodzakelijk, waarom zou mijn lichaam hierop een uitzondering zijn? Ik heb mij al laten registreren als donor maar er moet toch meer mogelijk zijn?

Waarom zou ik de cirkel van het leven niet rond maken door mezelf, net zoals hij in de video zegt, te laten begraven? Op die manier kan mijn lichaamsenergie gerecupereerd worden door planten en dieren en lever ik een bijdrage tot nieuw leven.

Ik zou nog tegenargumenten kunnen aanhalen zoals daar zijn: overvolle begraafplaatsen en vervuiling van de bodem door niet afbreekbare bestanddelen van de kist enz….

Maar wisten jullie dat je tegenwoordig ook beroep kan doen op een uitvaartondernemer die een volledig bio-afbreekbare kist en een zelfs een volledige (ja, zelfs tot de koffietafel toe) ecologische uitvaart kan regelen? En dat een linnen lijkwade tegenwoordig ook mogelijk is in België en Nederland? Hier vond ik een verrassend overzicht.

Het leven is ons te leen gegeven en dit zou de manier kunnen zijn om het geleende terug te schenken aan diegene die ons het leven gaf. Dit zou mijn bescheiden gift aan Moeder Natuur kunnen zijn….toch iets om over na te denken, vind ik.

De uitspraak “après nous les mouches” krijgt plots een wel erg letterlijke betekenis.

zzzzzz…….

Ik heb het even gehad met autorijden. Autorijden is nooit mijn hobby geweest, het is een noodzakelijk kwaad dat bij mijn job hoort. En dat voor minimum 2 uur/dag. Twee uren zonder inhoud, twee verloren uren. Uren die ik liever anders zou benutten.

Mijn traject naar het werk is grofweg in te delen in 2 delen: E34 Turnhout- Antwerpen en E19 Antwerpen- Brussel om me vervolgens naar AH Zaventem, Wemmel of Ternat te begeven.

Twee lange stukken snelweg. Twee lange, saaie stukken waar je gauw je concentratie verliest. Om vervolgens plots, rijdend op de pechstrook, wakker te worden van het geluid van de autobanden die over de geribbelde boordlijnen rollen. En ik kan je verzekeren, dat is even schrikken. Zeker als je weet dat ik mijn broer op deze manier verloren heb. Nooit gedacht dat mij dit zou overkomen.

Het idee dat dit fataal had kunnen aflopen heeft mij de volgende dagen niet losgelaten. Ik werd met mijn neus op de eindigheid en de broosheid van het leven gedrukt en prompt met beide voeten terug op de grond gebracht. Ik ben nog niet klaar om dood te gaan. Ik heb nog zoveel te zien, zoveel te doen….

Even heb ik getwijfeld: is mijn job dit wel waard? Daar moest ik niet lang over nadenken, de voordelen hadden nog steeds het overwicht in de weegschaal. Dan ga ik mijn levensstijl wat moeten aanpassen dacht ik. De volgende dagen paste ik mijn werkplanning aan zodat ik wat langer zou kunnen slapen. Maar tarara…wat had je gedacht? Om 3.30u was ik weer klaarwakker. Ik ben nu eenmaal een ochtendmens, dat valt niet te veranderen. Nu ben ik het volgende aan het testen: dagelijks vòòr 20.30u bed in. Dit werkt beter voor mij. Maar dat is weer niet bevorderlijk voor het samenleven met een partner, weg zijn de gezellige avonduurtjes samen….

Om positief te eindigen: het voorval heeft ervoor gezorgd dat ik nu een stukje bewuster in het leven sta. Hoe lang dit effect gaat duren weet ik niet maar wat ik gehad heb, heb ik gehad….