tijd

Herinnering

Ik heb het steeds belangrijk gevonden dat mijn kinderen snel zelfredzaam in het leven zouden staan.

Alleen met de fiets naar school rijden, gaan winkelen of met een lijstje in de hand naar de frituur, enz….. Leren koken hoorde daar ook bij.

De kinderen moeten zowat 2,5 en 4 geweest zijn toen ik twee stoelen bij het fornuis schoof zodat ze in de potten konden roeren. Het eerste wat ik ze leerde was vanillepudding maken. Achteraf bekeken was dat vrij hoog gegrepen want de eerste pogingen verliepen, hoe zal ik het zeggen…nogal klonterig. Maar al doende leerden ze snel. Het menu werd al gauw uitgebreid met ander lekkers zoals pannenkoeken, cake, gewonnen brood, spaghettisaus,…..kwestie van ze te blijven motiveren.

Nu zijn de kinderen volwassen en hun interesse voor eten en koken hebben ze nog steeds. Ze koken graag en goed. Ja, ook de zoon draait zijn hand niet om voor het maken van een witte saus of het bakken van een taart. De lasagne van mijn dochter smaakt als de beste.

Met de komende feestdagen in zicht verheug ik me er al op om de kinderen samen rond de tafel te hebben. Om ze te zien genieten van het samenzijn en natuurlijk ook van het eten.

Mijn gedachten dwalen af naar de dag, 25 jaar geleden, dat ik de eerste keer 2 stoelen bij het fornuis schoof. Dat moet het moment geweest zijn waarop ik de aanzet heb gegeven tot hun liefde voor eten.

Foto: Els, Gierle 1993 (Emilie 2,5 jaar)

al 30 jaar bewijs ik het

img_5878 Dit jaar ben ik 30 jaar in het bezit van mijn rijbewijs.

Reeds 30 jaar trotseer ik het verkeer en het Belgische kromdenken wat betreft verkeersveiligheid.

Mijn eerste deelname aan het verkeer moet van zo’n 53 jaar geleden dateren.
Vanuit een kinderkoets, aangedreven door de benenwagen van mijn moeder, mocht ik voor het eerst deze wonderlijke wereld aanschouwen.

Dan was er mijn ‘doortrappertje’ met zijwielen.
Ondertussen bleef het kind groeien en noodgedwongen werd er regelmatig overgeschakeld naar een groter fietsmodel.

Tot de dag dat ik na vele mislukte examenpogingen mijn rijbewijs op zak had. Met een deel van mijn eerste loon kocht ik een 12 jaar oude Toyota Corolla waar ik 3000 frank aan uitgaf.

Een eerste auto is als een eerste lief, dat vergeet je nooit. De slippende koppeling, de krakende portieren en de roestvlekken op het koetswerk, het had allemaal zijn charme. De Toyota had mij 2 jaar rijplezier opgeleverd toen ik hem voor 2000 frank van de hand deed. Mijn oude Toyota heeft gedurende de 30 daaropvolgende jaren vele opvolgers gekend.

Maar eerlijk gezegd, een auto is en blijft voor mij een gebruiksvoorwerp dat ik zeker niet ga adoreren. Mijn auto ziet er dus niet altijd spic en span uit, heeft hier en daar een krasje en als ik passagiers wil vervoeren moet ik eerst de rommel van de achterbank ruimen.

En mijn rijbewijs, ja….dat is na 30 jaar dringend aan vervanging toe!

52+….enkele overpeinzingen

  • Mijn to-do list is nog steeds langer dan mijn done list. Dat zorgt voor de nodige drive in mijn leven. En die to- do list is echt overdreven lang…
  • Net hetzelfde geldt voor mijn to-visit list. Ik hou van het gezegde ‘bezoek elk jaar een plaats waar je nog nooit bent geweest’. Ondanks dat heb ik het gevoel dat mijn leven te kort gaat zijn om alles te zien waar ik van droom.
  • Ik heb het gevoel dat ik niets meer te bewijzen heb. Uiteraard stel ik me nog doelen voorop en probeer ik die ook te halen maar het voelt niet meer zo dwingend als in het verleden.
  • Als iets me niet zint doe ik het niet, punt uit.
  • Meer dan ooit ben ik me bewuster van mijn eigenwaarde.
  • Een ouder wordend lichaam? Daar zal je mij niet horen over klagen, wees eerlijk…dat wordt toch ruimschoots gecompenseerd door andere eigenschappen zoals ervaring, aanvaarding, relativeringsvermogen,…
  • Ik vier mijn gezondheid en ben me ervan bewust dat een goede gezondheid onbetaalbaar is.
  • In mijn kleerkast komen steeds meer tijdloze klassiekers te hangen. Ik ben niet van plan om een ‘bomma-type’ te worden.
  • Naarmate ik ouder word verminderd de angst om te sterven. Ik heb al een mooi leven achter de rug, wat nu nog komt beschouw ik als een extraatje. De spreekwoordelijke kers als het ware.
  • Ik sta meer dan ooit open voor nieuwe technologie, nieuwe ervaringen, ik wil mee met de tijd en niet in een hoekje zitten weg te kwijnen.
  • Ik durf meer en meer voor mezelf kiezen: in mijn relatie, op het werk,….ik wil leven, niet geleefd worden.
  • Humor wordt steeds belangrijker in mijn leven, het is mijn manier om alles te relativeren.
  • Van diepgaande gesprekken kan ik nog steeds genieten. Het gevoel om op een lijn te zitten met je gesprekspartner, daar hou ik van.
  • Ik hou afstand van alle woorden met het voorvoegsel ‘senioren’ zoals senioren smartphone, senioren zwemlessen, senioren petanqueclub, senioren breiclub, senioren vitaminepreparaten (al dan niet met toevoeging van ginseng voor verbetering van de bedprestaties), senioren tijdschriften, senioren websites, senioren daguitstappen,….
  • Samengevat, ik vind het geweldig om 52+ te zijn.

 

 

patchouli

Vastberaden bewoog ik mijn wijsvinger richting entertoets.

Klik,  mijn bestelling was bevestigd.

Eindelijk gevonden en meteen besteld: echte, pure patchouli.

Het is en blijft een geur die verbonden is met mijn jeugdjaren.

Ik liep school in Leuven en had een grondige hekel aan het volgen van de lessen. Het gevolg kan je al raden. Inderdaad, ik was niet dikwijls aanwezig in de les. Maar ik hing niet, zoals de meeste van mijn medestudenten, rond in de Leuvense cafés. Nee, ik liep liefst op mijn eentje doelloos rond in de stad. Door het stadspark, de winkelstraten, het Begijnhof,…weg van de drukte. Toen ook al, bedenk ik nu…

Leuven telde in die tijd (eind ’70 begin ’80) een aantal Indische winkeltjes. Winkels waar een indringende patchouligeur zich via de steeds openstaande deur in de winkelstraat verspreidde. Het was zo’n typische geur dat ik de weg naar de ingang met gesloten ogen zou gevonden hebben. En hij had zo’n aantrekkingskracht op mij dat ik er gewoon niet kon voorbij lopen, ik werd als het ware naar binnen gezogen. Binnen zat er een man achter een eenvoudige balie. Hij zat te lezen en keek even op als je binnenkwam. Hij knikte even. De winkeltjes waren helemaal volgepropt met oosterse kleding. De sfeer was er gemoedelijk, helemaal niet opdringerig. Dit gecombineerd met de geur, de kleren, de prachtige kleuren, het had een enorme aantrekkingskracht op mij. Buiten een paar Indische geborduurde hemden kocht ik er nooit iets, maar ik kon er ongelofelijk van genieten om er even binnen te lopen.

*wat vind ik het spijtig dat ik mijn Indische hemden een paar jaar geleden toch in de spullenhulpzak stopte, had ik niet mogen doen…*

Wat patchouli betreft: je bent voor of je bent tegen. Een middenweg lijkt er niet te zijn. Ik vind het een hemelse geur. Ik weet niet of de jeugd van tegenwoordig de geur nog kent. Houtachtig, licht zoet, vochtige bossen, oriëntaals rond en een tikkeltje sensueel, ja zo zou ik hem best kunnen beschrijven.

Ik geef toe, het is een diepe warme zware geur waar je gemakkelijk een overdosis van gebruikt. Dat is ook de reden waarom het meestal niet puur gebruikt wordt maar wel als ingrediënt in verschillende parfums. Het geeft hen diepte. Zo is patchouli een belangrijk ingrediënt van mijn favoriete parfum ‘Angel’ van Thierry Mugler.

Nog een paar dagen wachten en dan zal er een bestelwagen van Postnl voor onze deur stoppen….Kan niet wachten…

Le Marronier

Zomer 2015.

Frankrijk, Provence.

Ergens in een eeuwenoud dorpje waar de inwoners het ondergoed ongegeneerd langs de straatkant op de wasdraad hangen en waar je als vreemdeling de starende blikken van de dorpelingen op je rug voelt priemen.

Daar waar de smalle straten omzoomd zijn door scheefgezakte huizen en waar de ‘Boulangerie Artisanale’ nog niet heeft moeten wijken voor souvenierwinkels,  fastfoodrestaurants en andere tekenen van de ‘beschaafde’ wereld.

Daar waar het ‘eau potable’ op het dorpsplein rijkelijk uit de sierlijke koperen kraantjes in de natuurstenen wasbekkens stroomt.

Het was in één van die smalle dorpsstraten dat we op het terras van ‘Le Marronier’ belandden.

‘Snack’ en ‘plat du jour’ stond te lezen op het krijtbord tegen de voorgevel.

Onze maag kon wel wat vulling gebruiken en we namen plaats op de kunststof tuinstoelen onder een vaalrode parasol. In een vorig leven was die parasol ongetwijfeld fuchsia. De tafel was bedekt was met een toîle cireé.

Dit zette meteen de toon van wat er zou volgen.

Pure nostalgie….

De dienster, een vrouw van naar schatting een jaar of zestig kwam onze richting uit. Ze had zichtbaar haar best gedaan om zich op te tutten, droeg een opvallend felgekleurde gebloemde voorbindschort zoals mijn moeder 40 jaar geleden wel eens droeg. Haar felblauwe oorbellen waren in perfecte combinatie met haar kleding.

Ze begroette ons vriendelijk en je kon in haar stem een zeker respect naar ons toe horen. Misschien waren we vandaag wel haar enige klanten….de straten waren verlaten.

We keken rondom ons. Zo typisch Frankrijk, die eenvoud…

Hoe kon deze zaak rendabel zijn, dacht ik? Ze was, zoals de meeste Fransen,  waarschijnlijk vlug tevreden en wilde geen stresstoestanden in haar leven, ja, ik kon geen andere verklaring bedenken. En gelijk heeft ze: eenvoud siert.

Omdat je er in Frankrijk nooit mag van uitgaan dat de kok op dat moment inderdaad ook zin heeft om te koken diepte ik mijn beste schoolfrans op en vroeg: ‘Est-ce que c’est possible de manger quelque chose, madame?’

De dame in kwestie draaide zich om in de richting van de inkomdeur van haar etablissement en riep met krachtige stem ‘ Marie-Claire, est-ce qu’il y a encore du rôti de porc?’ Eric en ik hadden moeite om onze lach te onderdrukken…….

Na een bevestigend antwoord, dat haar luidkeels werd toegeroepen vanuit de keuken, stelde ze ons haar plat du jour voor:

salade de riz- rôti de porc avec spaghetti et sauce bolognèse- une glace

‘Parfaît madame, et pour boire un pichet de vin blanc, s’il vous plaît’ vulde ik aan.

De dame begaf zich zichtbaar tevreden richting keuken om even later de in Frankrijk gebruikelijke fles water met 2 glazen op onze tafel te zetten.

De tot de rand gevulde pichet witte wijn volgde snel.

IMG_1453

Eric en ik praatten wat. Door het warme weer voelde de met lavendelbloemen bedrukte toîle cireé wat plakkerig aan.

De omgeving beïnvloedde ons gesprek. We hadden het over vroeger, onze jeugdjaren. Over hoe wij vroeger soep, hoofdschotel en dessert uit hetzelfde bord aten, over met de hand afwassen, over zelfgekweekte groenten eten. Over Eric die  zijn eerste spaghetti at als hij al getrouwd was. Over dat er bij onze grootouders elk jaar een varken geslacht werd.

Al gauw volgde de entreé, Salade de Riz, geserveerd op bordjes die ik herkende uit mijn jeugd. Ik durf te wedden dat ze onderaan de merkstempel van Arcopal droegen.

IMG_0619

De hoofdschotel leek ons een wat rare combinatie. Varkensgebraad met flinke vetstukjes tussen, spaghetti bolognaise, wat sla en in de oven gedroogde tomaten. De gemalen kaas in een plastiek potje.

Zoiets zouden wij thuis eten als het ‘restjesdag’ was.

Maar niettemin proefde je dat het met liefde en met verse producten klaargemaakt was.

Ik weet dat andere mensen misschien hun neus hadden opgehaald maar voor ons was het best o.k. Meer nog, we zagen het eerder als een belevenis, de uitbaatster deed toch zo erg haar best om het ons naar onze zin te maken. We voelden ons echt ‘in de watten gelegd’. Hadden we sjieker willen eten hadden we wel een ander etablissement uitgekozen.

IMG_1456

Na het hoofdgerecht kwam de vrouw zich excuseren, want ramp o ramp de crème glace was op. Ze vond het zóóó erg dat ze ons geen ijsje kon scheppen.

We gingen op haar voorstel in om een tas koffie te nemen.

We praatten nog wat na en dan vroeg ik ‘l’addition’.

We kregen een handgeschreven papiertje op onze tafel. Spijtig genoeg heb ik daar geen foto van.  De totaalsom: nog geen €20/2p. De koffie bleek niet bijgerekend. Toen ik haar daar attent op maakte gaf ze aan dat dit een compensatie was voor het ijsje dat we niet gekregen hadden.

Ik gaf aan dat ik dat niet wilde en gaf haar nog een flinke fooi bovenop. De tevredenheid straalde van haar gezicht toen ze het briefje aannam. Haar dag was gemaakt, hiermee had ze waarschijnlijk haar dagomzet binnengehaald want we zaten nog steeds helemaal alleen op het terras.

We vervolgden onze weg en keken even achterom.

Ze zwaaide ons nog na…