Leven- Liefde- Passie

Op mijn levenspad heb ik het geluk gehad om heel wat boeiende mensen te mogen ontmoeten. De meesten onder hen kruisten slechts even mijn pad, anderen liepen een stukje met me mee en nog anderen zijn volhouders en lopen nog steeds met me mee.

Ze hebben één ding met elkaar gemeen: het zijn stuk voor stuk unieke persoonlijkheden met een apart levensverhaal, een uitgesproken mening of een ontembare passie. Kortom, het zijn mensen die wat te vertellen hebben.

Deze boeiende persoonlijkheden wil ik op een nieuwe blog aan het woord laten. De vorm waaronder ze dit doen kiezen ze zelf: door middel van vraag en antwoord of aan de hand van een door hen geschreven tekst, foto’s,…alles is mogelijk. Ze krijgen van mij carte blanche, letterlijk.

Nog even vermelden dat ik op de Leven Liefde Passie blog enkel de verslaggever ben en niet noodzakelijk de mening deel van de mensen die daar aan bod komen.

Ik wil jullie graag uitnodigen om er via onderstaande link een kijkje te nemen. Agnes, die zichzelf caminoholic noemt, is de eerste in een rij boeiende persoonlijkheden die er haar verhaal doet.

http://leven-liefde-passie.com

Voel jij je geroepen om je leven, liefde of passie met de lezers te delen? Dan hoor ik het graag:

verfaille.els@gmail.com

Uiteraard moet ik nog regelmatig mijn eigen ei kwijt kunnen, kribbelsuitmijnleven.wordpress.com. blijft dus bestaan!

Vadertje Tijd en Moeder Natuur

Ik zou het al te graag willen: leven op het ritme van de natuur. Eten wanneer ik honger heb, opstaan zonder wekker… leven volgens wat mijn zintuigen en mijn intuïtie me vertellen. Maar helaas, het is mij, samen met zoveel anderen, niet gegund.

Op welk punt in de evolutie zijn we de connectie met het ritme van de natuur kwijtgespeeld? Gebeurde dat toen we het ‘aanvoelen van de tijd’ ruilden tegen meetbare tijd? De klok is natuurlijk een geweldige uitvinding. Zonder precieze tijdsmeting zou onze samenleving niet functioneren. Hier is Vadertje Tijd koning.

Maar het brengt ook zoveel nadelen met zich mee. De klok bepaalt ons leven. Strakke planningen, afspraken, werk- en rusttijden overheersen ons natuurlijk ritme. En dat natuurlijk ritme is individueel zeer verschillend. Ik ben bijvoorbeeld een ochtendmens. In de ochtend ben ik het fitst, kan ik het best nadenken en ben ik bijgevolg het meest productief. Ik word liefst wakker met het eerste licht dat de slaapkamer binnendringt. Wanneer anderen pas wakker worden is mijn kaars uit (het 21u moment, gekend bij de vrienden😁) en kruip ik liefst snel onder de wol. Mijn natuurlijk ritme wordt dikwijls verstoord door de klok. Korte periode kan ik dit wel volhouden maar als ik mijn natuurlijk ritme gedurende lange tijd negeer geraak ik uit balans. Slaapproblemen, stress, slecht humeur en me minder goed in mijn vel voelen zijn de gevolgen.

Een dagje thuisblijven en naar je lichaam luisteren is toch de oplossing zou je kunnen denken. Maar zo werkt het niet. Ik heb minstens 2 dagen nodig om uit het mij opgelegde leefpatroon te stappen en af te kicken van de ratrace van onze maatschappij. En ik merk dat dit er met ouder te worden niet op verbetert, dat de recuperatietijd steeds langer wordt.

Ik verwacht dat er binnenkort een moment gaat komen dat het niet meer leefbaar blijft voor mij en dat ik mijn leven een nieuwe wending zal moeten geven. Hoe, wat en waar weet ik nog niet maar het speelt de laatste tijd steeds meer in mijn achterhoofd.

De herinnering

Met een tik van de zweep en een luide “ahopppp” porde de koetsier de paarden aan. Het tweespan zette zich langzaam in beweging en al gauw tikten de hoeven ritmisch over de Rotterdamse kasseien.

Ik schoof het fluwelen gordijntje opzij. De zachtoranje gloed van de ochtendzon verdreef de laatste schemering uit de koets. Met een lange haal trok ik de zilveren hoedenspelt uit mijn gevederde hoed en legde hem op de lederen zitbank om vervolgens mijn hoofd tegen de schouder van Jacques aan te vleien. Mijn Jacques,… de man die me zo goed kende en waarvan ik zo meteen met pijn in het hart afscheid zou nemen.

Jacques keerde zich naar mij en vroeg me met gebroken stem “Anna, liefste, weet je zeker dat je dit wilt?” Hij nam mijn hand en drukte zijn mond zacht op mijn handrug. Ergens had Jacques de stille hoop gekoesterd dat ik mijn keuze nog zou wijzigen. Even was het stil. Hij verwachtte een antwoord.

Ik keek hem in de ogen “Je weet dat studeren mijn passie is, Jacques. Ik wil geen vrouw aan de haard zijn, ik wil wat betekenen in de samenleving. Alleen door mijn hart hierin te volgen kan ik gelukkig worden. Dat we van elkaar gescheiden zullen zijn zal me zwaar vallen maar het betekent niet het einde van onze liefde. Onze liefde reikt verder dan de oceaan die tussen ons zal liggen.” Met dit antwoord ontnam ik ook Jacques’ laatste hoop.

“Goed, het valt me zwaar, dat weet je, maar er rest me niets anders dan jouw keuze te respecteren” en hij kuste me op het voorhoofd. Vervolgens greep hij de lederen tas die hij onder de bank geschoven had, maakte ze open en nam er een goudkleurig doosje uit. “Ik heb nog iets voor jou, om onze liefde te bezegelen.”

“Voor jou Anna”, hij keek mij in de ogen en reikte me het doosje aan. Verrast nam ik het in ontvangst en opende het. Op het zwart fluweel lag een prachtig parelsnoer. Kostbare zoetwaterparels. Sprakeloos was ik.

De ochtendgeluiden van de bedrijvige Rotterdamse haven werden steeds duidelijker. Roepende mannen, ratelende kettingen, karren en paarden,….het pijnlijke afscheid naderde.

Ondertussen is de studentenkamer op Harvard University al een jaar mijn thuis en is dit de laatste herinnering die ik koester aan Jacques. Ik laat het halssnoer nog geregeld tussen mijn vingers glijden en dan dwalen mijn gedachten af naar de mooie momenten die Jacques en ik samen mochten beleven.

Het beeld in mijn herinnering vervaagt stilaan maar het verlangen blijft.

some you lose, some you win

Het duurde amper tien minuten voor het zomerse zonnige weer omgeslagen was naar onheilspellend stormachtig. De hemel kleurde dreigend donkergrijs, de opstekende wind blies de laatste verdorde beukenblaadjes als mini tornado’s door de tuin. Striemende regen, leeglopende straten en in de verte waren kletterende weergoden te horen. Het leek de perfecte setting voor een Stephen King roman.

Ik stond twijfelend voor het raam, klaar voor Doshi’s avondwandeling. Aan Doshi’s oren te zien waren we het eens: het zou een verkorte versie worden.

Nog maar net de deur uit werd mijn aandacht getrokken werd door het sierboompje in de voortuin van de buurman. Door de windvlagen zwiepte het gevaarlijk heen en weer. Hoe kon het ook anders, zo’n fragiel stammetje, zonder steunpaal, en een volle kruin waar de wind vrij spel in had.

Ik zag het al gebeuren. Dat boompje had geen schijn van kans. Maar het was niet enkel het boompje dat op het spel stond.

Ik naderde en duwde met mijn vrije hand voorzichtig het dichte bladerdek open. En ja, gelukkig ze zaten er nog steeds: het product van het geflikflooi dat in het voorjaar op onze tuinschutting had plaatsgevonden: twee jonge duiven. Steun zoekend dicht tegen elkaar in een nest dat ze bijna ontgroeid waren.

Deze keer was ik vastberaden. Ik mocht niet dezelfde fout maken als toen. Deze duifjes mochten niet uit het nest vallen en door mijn nalatigheid overreden worden. Hoog tijd om actie te ondernemen.

Doshi had intussen het wijze besluit genomen dat dit geen weer was om een hond door te jagen en was, met haar oren dicht tegen haar kop gedrukt, naar huis gelopen.

Om wat tegenwicht te bieden aan de niet aflatende gierende wind drukte ik mijn lichaam stevig tegen de stam en ik keek in het rond. Drie meter verder stond een elektriciteitspaal.

“Had ik nu maar een touw.” De stam loslaten om thuis een touw te gaan halen durfde ik niet, dit zou het boompje ongetwijfeld fataal zijn. Gelukkig had ik mijn gsm bij de hand. “Eric, de duifjes…..je weet wel in de voortuin van de buurman….dat boompje gaat het begeven, kan je me een touw brengen?

Na het nodige duw- en trekwerk legden we het boompje door middel van het touw vast aan de elektriciteitspaal. Er restte ons enkel te hopen dat de kruin niet zou afknappen.

Drie dagen later keek ik met een voldaan gevoel naar de nok van ons dak. De inmiddels uitgevlogen jonge duiven zaten broederlijk/zusterlijk naast elkaar, ze hadden het stormavontuur overleefd.

*goed gevoel*

après nous les mouches

Er is slechts één zekerheid in het leven: dood gaan we allemaal. Maar wat daarna? Wat wil ik dat er dan met mijn lichaam gebeurt? Wil ik gecremeerd of begraven worden?

Ik ben van het principe dood is dood. Het feit dat mijn ziel blijft bestaan of niet wil ik in het midden laten maar na de dood is mijn lichaam totaal overbodig. Dus weg ermee, dacht ik tot hiertoe. Crematie leek me een logisch besluit. Tot ik deze video te zien kreeg:

What happens when we die? Neil Degrasse Tyson

Zo had ik het nog niet bekeken. Het verbaasde me dat ik, als natuurmens, daar niet aan gedacht had. Neil Degrasse Tyson heeft verdorie gelijk: als ik me zou laten cremeren wordt mijn energie in de vorm van warmte totaal nutteloos de lucht ingestuurd.

Recyclage is hip en bovenal noodzakelijk, waarom zou mijn lichaam hierop een uitzondering zijn? Ik heb mij al laten registreren als donor maar er moet toch meer mogelijk zijn?

Waarom zou ik de cirkel van het leven niet rond maken door mezelf, net zoals hij in de video zegt, te laten begraven? Op die manier kan mijn lichaamsenergie gerecupereerd worden door planten en dieren en lever ik een bijdrage tot nieuw leven.

Ik zou nog tegenargumenten kunnen aanhalen zoals daar zijn: overvolle begraafplaatsen en vervuiling van de bodem door niet afbreekbare bestanddelen van de kist enz….

Maar wisten jullie dat je tegenwoordig ook beroep kan doen op een uitvaartondernemer die een volledig bio-afbreekbare kist en een zelfs een volledige (ja, zelfs tot de koffietafel toe) ecologische uitvaart kan regelen? En dat een linnen lijkwade tegenwoordig ook mogelijk is in België en Nederland? Hier vond ik een verrassend overzicht.

Het leven is ons te leen gegeven en dit zou de manier kunnen zijn om het geleende terug te schenken aan diegene die ons het leven gaf. Dit zou mijn bescheiden gift aan Moeder Natuur kunnen zijn….toch iets om over na te denken, vind ik.

De uitspraak “après nous les mouches” krijgt plots een wel erg letterlijke betekenis.